Drie deskundigen vertellen waarom adaptief onderwijs geven wel of geen onmogelijke opgave is.
Luc Stevens
orthopedagoog, Universiteit Utrecht
„Met de eerste conclusie ben ik het eens. In het huidige onderwijssysteem is het lastig adaptief onderwijs te geven, omdat er geen ruimte is voor individuele verschillen tussen leerlingen. Van het begin af aan heb ik ook gezegd: adaptief onderwijs is alleen mogelijk als het schoolsysteem verandert. We moeten af van alle standaardisaties: vaste plaatsen, tijden, inhouden en prestaties. Alleen dan kunnen leraren aansluiten bij de leerling. Dat onderwijskundigen voor de klas moeten vind ik gemakkelijk gezegd. Ik denk dat het systeem waarin onderzoekers werken ‘om’ moet. Veel wetenschappers werken voor zichzelf, schrijven voor elkaar en hebben kennisvermeerdering als doel. Dat die kennis toepasbaar is in de praktijk komt op de tweede plaats. Veel onderzoek in de klas wordt niet gezien als ‘wetenschappelijk’. We zouden toleranter moeten zijn als het gaat om de onderzoeksmethode. Statistieken alleen zijn niet het belangrijkst.”
Hulda de Ru
werkte als docent in het voortgezet onderwijs, geeft nu Engels aan de docentenopleiding Windesheim, Zwolle
„Het is moeilijk om gedifferentieerd te werken. Of het lukt, is van veel afhankelijk: de diversiteit aan leerlingen, groepsgrootte, sfeer, afspraken in de school, orde. De ideale situatie is er bijna nooit is mijn ervaring, en ik heb in vrijwel alle soorten van voortgezet onderwijs gewerkt. Vaak probeerde ik te differentiëren en ook al wilde ik graag, het is complex en hard werken. Is er voldoende rust? Willen de leerlingen wel voor zichzelf werken als ik met iemand individueel bezig ben? Zelf ben ik voorstander van gedifferentieerd én klassikaal lesgeven. Door af te wisselen, krijgen leerlingen energie. Ik ben het ook eens met Bulterman als ze zegt dat theoretici voor de klas moeten. Toen ik hoorde dat studenten onderwijskunde geen stage lopen, dacht ik: dat kan toch niet? Dan weten ze toch niet hoe het is om voor de klas te staan?”
Wim van de Grift
coördinerend inspecteur bij de Inspectie van het Onderwijs, verantwoordelijk voor het jaarlijkse Onderwijsverslag
„Het lijkt erop dat deze onderzoekster de verschillende experimenten rondom adaptief onderwijs van de Universiteit Utrecht niet kent. Daaruit blijkt dat het onderwijsgevenden in het primair onderwijs wél lukt om adaptief onderwijs te geven en dat daarmee ook de leerresultaten van kinderen omhoog gaan. De leerkrachten uit die onderzoeken zijn getraind door onderwijsbegeleiders. Adaptief onderwijs is dus aan te leren, ook al kost het zo’n twee tot drie jaar. Ik zeg niet dat het niet moeilijk is! Ook uit het Onderwijsverslag blijkt dat het omgaan met verschillen tussen leerlingen een van de lastigste dingen is. De helft van de onderwijsgevenden slaagt er niet in. Het is moeilijk, het is keihard werken. Maar het is niet onmogelijk. Of ik het ermee eens ben dat onderwijskundigen voor de klas moeten? Dan wijs ik weer op die experimenten: het blijkt dat adaptief onderwijs mogelijk is.”
Dit artikel verscheen in oktober 2004 in TooN (nu SpeZiaal).